WOONHUIS G. BLADEL

 

De locatie maakt onderdeel uit van een bungalowwijk die in de zeventiger jaren is aangelegd als overgang van de bebouwde kom naar het buitengebied. Na de sloop van de woning is op dezelfde positie van het perceel de nieuwbouw ingeplant. De horizontale langgerektheid, de rechthoekige contour, de constante hoogte en de krachtige neutraliteit vormen een herkenbaar volume. Het woonhuis bestaat uit het woongedeelte met overdekte rondgang en het slaapgedeelte dat de rechthoekige contour volgt. De entree vormt de schakel tussen het woongedeelte en de slaapruimtes. Het bouwvolume toont in relatie tot de tweedeling in de plattegrond de gesloten met natuursteen beklede gevel en de open terugliggende met hout beklede gevel. Wat op het eerste gezicht een eenduidige rechthoekig volume is, wordt zo ter plaatse van de woonruimte een afwisselende alzijdige sculptuur. De relatie tussen de woning en de omgeving is zodanig ge├źnsceneerd dat er zicht bestaat vanuit de woonkeuken op een nog vrijwel authentiek weilandschap ter zijde van de Beerze en vanuit de zitkamer op de oude eik achter in de tuin.